WK Voetbal 1954: De Rode Duivels pakken hun eerste punt

De kwalificatiekansen voor het WK Voetbal van 1954 waren voor de Belgische nationale voetbalploeg vooraf niet riant. Finland kon nauwelijks problemen opleveren, maar Zweden opzijzetten was een heel andere zaak. De Scandinaviërs waren in 1948 Olympisch kampioen geworden en derde geëindigd op het WK  van 1950 in Brazilië. De Rode Duivels maakten hun naam echter nog eens waar.

De Belgische ploeg reisde in mei 1953 naar het hoge noorden. De eerste stop was Finland. De Rode Duivels trapten af met een flinke wind in de rug en stonden al na drie minuten via Rik Coppens op voorsprong. Minder dan een halfuur later had het Antwerpse enfant terrible al een tweede keer gescoord en stond België 0-3 voor. Pol Anoul had de tweede Belgische goal voor zijn rekening genomen. De Belgen dachten te snel dat de partij beslist was en moesten alle zeilen bijzetten om kwelgeest Kalevi Lehtovirta van de gelijkmaker te houden. Op een schaarse uitbraak zorgde Coppens voor een veilige marge (2-4).

De oversteek van de Baltische zee viel behoorlijk tegen. De meeste spelers waren zeeziek en het vooruitzicht van een bezoek aan een van de beste ploegen van het moment kon geen soelaas bieden. De Zweden hadden sinds september ’51 niet meer verloren in eigen land. Ze waren dan ook gerust op de afloop en deden geen beroep op hun internationals in buitenlandse loondienst.

De Belgische Keuzecommissie had de winnende ploeg van Finland op maar liefst vijf plaatsen gewijzigd. De opmerkelijkste afwezigen waren doelman Seghers, die niet vrijuit was gegaan bij de tweede Finse goal, en Jef Mermans, die volgens bepaalde bronnen last had van een blessure.

Het was de laatste interland van Bill Gormlie, die sinds 1947 aan het roer stond van de nationale ploeg. De Brit behaalde niet zo’n slechte resultaten, maar had de reputatie wel eens een glaasje te lusten en dat zinde sommige bondsleiders niet.

Jef Mermans bedankte Gormlie in naam van alle spelers voor de wedstrijd en beloofde dat de Rode Duivels er alles aan zouden doen om hem een fraai afscheid te bezorgen. Aanvankelijk zag het er daar niet naar uit, want België kwam 2-0 achter. In tien minuten zorgden Anoul, Straetmans en Lembrechts echter voor een 2-3 overwinning. Het mirakel van Stockholm maakte van de Scandinavische trip één van de succesvolste uitstappen van de nationale ploeg.

Zweden kwam in Helsinki niet verder dan 3-3 en een Belgische thuisoverwinning tegen Finland volstond om de kwalificatie af te dwingen. Dungall Livingstone, opnieuw een Engelsman, had het team intussen in handen gekregen. Tien minuten voor tijd stond België nog 2-0 voor (twee goals van Bollen), maar de afweer blunderde en Lantinen en Vaihela maakten gelijk.

De laatste partij tegen Zweden had een formaliteit kunnen zijn, maar door de misstap tegen de Finnen was een gelijkspel noodzakelijk. Bij Zweden debuteerde de 18-jarige Kurt Hamrin. Linksachter Fons Van Brandt speelde een ijzersterke partij en Vic Mees en Rik Coppens scoorden. De 2-0 overwinning volstond ruimschoots om naar Zwitserland te mogen.

Rik Coppens

Het WK werd volgens een absurde formule gespeeld, waardoor de kleintjes kansloos waren. België was ingedeeld in een groep met Zwitserland, Italië en Engeland, maar mocht alleen tegen de reekshoofden Italië en Engeland opdraven.

In het Sankt-Jakob Stadion in Bazel zorgden de Rode Duivels voor een sensatie. De blonde Pol Anoul zette de Belgen al na vijf minuten op voorsprong na een voorzet van een ongrijpbare Rik Coppens. Met goals van Broadis (2 stuks) en Nat Lofthouse sloegen de Engelsen echter bikkelhard terug.

De wedstrijd leek gespeeld, maar dat was zonder de Belgen en de zwakke Engelse goalie Gil Merrick gerekend. Anoul en Coppens scoorden. Pol Gernaey, de doelman van tweedeklasser Oostende, hield Stanley Matthews in de slotfase van de winnende treffer. Het onbegrijpelijke reglement maakte verlengingen noodzakelijk, maar het team van Billy Wright slaagde er niet in afstand te nemen. Lofthouse bezorgde de Britten een vroege goal, maar Jimmy Dickinson kopte een vrije trap van Marcel Dries in eigen doel (4-4). Op 17 juni 1954 behaalden de Rode Duivels hun eerste punt in een WK-eindronde.

Drie dagen later moesten de vermoeide Duivels het in het Stadio Comunale Cornaredo in Lugano opnemen tegen Italië. Een onmogelijke opdracht. Anoul was niet helemaal fit en de Azzurri speelden een thuiswedstrijd. De kwetsbare amateurs waren niet opgewassen tegen de goedgetrainde profs. De Belgen hielden veertig minuten stand. Toen liet Capello zich vallen in een duel met Dries en Pandolfini zette vervolgens de strafschop om.

Kort na de rust verdubbelde Galli de voorsprong. Er stond nu nog slechts één ploeg op het veld. Frignani en Lorenzi diepten de kloof uit. Anoul kon slechts de eer redden (4-1). Rik Coppens werd door de Franse sportkrant L’Equipe uitgeroepen tot de beste middenvoor van het toernooi.

Belgische selectie voor het WK Voetbal 1954:
Pol Gernaey, Charly Geerts, Marcel Dries, Fons Van Brandt, Henri Dirickx, Stan Huysmans, Louis Carré, Vic Mees, R. Van Kerkhoven, Jef Mermans, Pol Anoul, Rik Coppens, Jeng Van den Bosch, Hilaire Van den Bosch, Denis Houf, Jef Vliers

Scroll naar boven